vertellen a 45 traductions en 7 langues

traductions de vertellen

NL EN anglais 7 traductions
NL ES espagnol 5 traductions
NL FR français 6 traductions
NL DE allemand 6 traductions
NL IT italien 8 traductions
NL PT portugais 5 traductions
NL SV suédois 8 traductions
Impératifs et participes
Tegenwoordig en verleden deelwoord vertellend
Tegenwoordig en verleden deelwoord verteld
Type ik jij hij/zij/het wij jullie zij
Presens vertel vertelt vertelt vertellen vertellen vertellen
Imperfect vertelde vertelde vertelde vertelden vertelden vertelden
Toekomende tijd I zal vertellen zult vertellen zal vertellen zullen vertellen zullen vertellen zullen vertellen
Conditionalis I zou vertellen zou vertellen zou vertellen zouden vertellen zouden vertellen zouden vertellen
Perfectum heb verteld hebt verteld heeft verteld hebben verteld hebben verteld hebben verteld
Voltooid verleden tijd had verteld had verteld had verteld hadden verteld hadden verteld hadden verteld
Toekomende tijd II zal verteld hebben zult verteld hebben zal verteld hebben zullen verteld hebben zullen verteld hebben zullen verteld hebben
Conditionalis II zou hebben verteld zou hebben verteld zou hebben verteld zouden hebben verteld zouden hebben verteld zouden hebben verteld
Imperatief - vertel - vertelt -

Conjugaison complète de vertellen

Synonymes pour vertellen

  1. Signification: verhalen [v]
    verhalen, vertellen
  2. Signification: meedelen [v]
    verzekeren, zeggen, vertellen
  3. Signification: zeggen [v]
  4. Signification: inlichten [v]
  5. Signification: melden [v]